U bent hier

James Ensor - zelfportret opnieuw ontdekt

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen - James Ensor

 

Een gehavende zelfportret van de kunstenaar James Sidney Ensor (1860-1949), dat de Koninklijke Bibliotheek van België enkele weken geleden op een veiling in Brussel heeft aangekocht, blijkt na grondige restauratie een bijzondere eerste staat te zijn.

 

James Ensor woonde met zijn gezin in Oostende. Op het moment dat de familie Ensor er verbleef was de badplaats een simpel vissersstadje dat sterk beveiligd werd met wallen en stadspoorten. Zijn ouders baatten een curiositeitenwinkel uit die een grote invloed had op Ensor zijn werken. Ze verkochten er onder andere de bekende maskers die we van hem kennen. Op het zelfportret dat op de veiling te vinden was zien we Ensor gekleed in een dikke jas om zich te beschermen tegen de kilte van de zee. Hij ziet eruit als een stereotiepe strandjutter.

 

Droge naald op koperplaat

 

Het werk is slechts 13,4 op 9,5 cm groot en bestaat uit een tekening die met droge naald op een koperplaat is getekend. Dit is een directe en vakkundige techniek waarbij de tekening meteen in de metaalplaat wordt gekrast. De handeling moet meteen juist zijn, want de gebruikte naald is hard en tast de plaat telkens aan wanneer die wordt gebruikt. Dit zorgt ervoor dat de methode met droge naald een beperkte oplage kent.

 

Om een tekening met droge naald in te krassen moeten zowel de plaat als het papier (de drager) voorbereid worden. De plaat wordt eerst ingeïnkt met een tampon of roller terwijl het papier dertig tot zestig minuten in water geweekt wordt om het zacht te maken. Hierna perst men het papier een nacht tussen vloeipapier. Voor het afdrukken van de prent, de laatste stap in het creatief proces, wordt een drukpers gebruikt. De plaat en het papier worden hierbij op elkaar in de pers geplaatst. Daarboven legt men nog een vilt, die later verwijderd wordt als men het papier van de drukplaat haalt.

 

Een prent kan verschillende staten hebben: de minst bewerkte versie is de eerste staat. Dit is de tekening in zijn origineelste vorm. Later kan men de plaat steeds herwerken en zo creëer je telkens een volgende staat. In dit geval zijn er in de tweede staat schaduwpartijen aangebracht in de compositie. James Ensor heeft op de tekening ook kleurtinten aangebracht, wat het werk zeldzaam maakt.

 

Achterzijde

 

Restauratie werpt nieuw licht

 

Tijdens de restauratie van de prent ontdekte men dat het gebruikte papier dikker was dan de gekende prenten van Ensor. Dit riep vragen op. Toen onderzoekers de tekening uit het versleten kader halen ontdekken ze dat het werkje als postkaart bedoelt was. Op de achterkant vonden de restaurateurs zelfs de oorspronkelijk tekst terug. De postkaart was gericht aan Emma Labotte. Zij was eveneens een kunstschilder en een hechte vriendin van James Ensor. Emma was enorme fan van zijn werk en heeft veel invloed gehad op Ensors artistieke carrière. Ondanks dat ze een grote verzamelaar was van prenten, tekeningen en schilderijen van de schilder, vermeldde ze in hun correspondentie dat ze de postkaarten die hij zond maar lelijk vond.