U bent hier

Immense collectie in bruikleen dankzij indemniteit

 

Wat in Vlaanderen en de Franse Gemeenschap nog niet kan, gebeurt in Nederland: de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed heeft namens de Minister van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap een indemniteitsgarantie toegekend voor de tentoonstelling Hollandse meesters uit Boedapest.

 

De indemniteitsregeling houdt in dat de overheid garant staat voor eventuele schade bij bruiklenen. Tegenwoordig gaat meer dan een kwart van het budget voor een tentoonstelling naar verzekeringskosten van enkele bruiklenen uit andere musea. In heel Vlaanderen daarentegen moesten verzekeringsmaatschappijen bij de laatste rondvraag amper 8500 euro terugbetalen op een heel werkingsjaar. Het risico is dus zo goed als onbestaande, terwijl de waarderingen van de topstukken steeds hoger oplopen en de verzekeringspremies dus ook. Dit beperkt ook het aanbod voor de Vlaamse kunstliefhebber.

 

Het Frans Hals Museum toont komende winter een ruime selectie van Hollandse en Vlaamse meesters uit het Szépmuvészeti Múzeum in Boedapest. Vanaf 12 november kan de bezoeker tachtig werken uit een van de mooiste museale verzamelingen ter wereld aanschouwen. Tijdens de verbouwing van het Szépmüvészeti Múzeum reizen de topstukken dus naar Haarlem, tot 13 februari 2017.  Naast Haarlemse meesters zijn onder andere Hendrick Avercamp, Jan Lievens en Anthony van Dyck van de partij. Het Frans Halsmuseum is een stadsmuseum, maar een zeer oud en prachtig museum met een bijzonder fraaie collectie.

 

Een toeval zoals de driehonderdvijftigste verjaardag van de dood van de in Antwerpen geboren kunstschilder Frans Hals bracht twee prachtige portretten uit Boedapest en enkele van zijn stads- en tijdgenoot Johannes Verspronck. Naast zevenenvijftig schilderijen omvat de tentoonstelling ook zevenentwintig tekeningen van kunstenaars als Rembrandt, Karel van Mander en Frans Post.

 

Openbaar Kunstbezit Vlaanderen - Jan Steen

Jan Steen, Het bordeel, c. 1665-68, Szépmüvészeti Múzeum, Boedapest

 

De collectie is gevarieerd: genrestukken van Jan Steen, Dirck Hals, Jan Miense Molenaer en Richard Brakenburgh, landschappen van onder meer Salomon van Ruysdael en Jacob van Ruisdael en stillevens door Willem Claesz Heda en Jan Jansz van de Velde. De Gouden Eeuw is goed vertegenwoordigd, maar ook Zuid-Nederlandse schilders kunnen ontdekt worden: Jan Brueghel en Anthony van Dyck moeten de relatie tussen schilderkunst in Haarlem en andere steden inzichtelijk te maken. Hetzelfde gebeurt met portretten van Nicolaes Maes en Bartholomeus van der Helst, een historiestuk van Karel Dujardin, een genrestuk van Pieter de Hooch, een winterlandschap van Hendrick Avercamp en een stilleven van Willem van Aelst.

 

Artikelfoto: Floris van Dyck – Banket met kan, fruit en kaas, 1615/20 Szépmüveszéti Múzeum, Boedapest